- U bevindt zich: > Home
Excursie BMC / DEP Moerdijk
20 april, 2011
Op 16 maart jl. zijn we met 55 belangstellenden uit de pluimveesector naar BMC / DEP in Moerdijk geweest. BMC staat voor Bio Massa Centrale, een elektriciteitscentrale welke voor bijna 100 procent draait op stapelbare pluimveemest. DEP is de coöperatie waarbij de toeleverende pluimveehouders aangesloten zijn. Deze coöperatie regelt onder de naam Orgafert de toevoer van de juiste hoeveelheid en kwaliteit mest van de aangesloten leden naar de Centrale.
Op 16 maart jl. zijn we met 55 belangstellenden uit de pluimveesector naar BMC / DEP in Moerdijk geweest. BMC staat voor Bio Massa Centrale, een elektriciteitscentrale welke voor bijna 100 procent draait op stapelbare pluimveemest. DEP is de coöperatie waarbij de toeleverende pluimveehouders aangesloten zijn. Deze coöperatie regelt onder de naam Orgafert de toevoer van de juiste hoeveelheid en kwaliteit mest van de aangesloten leden naar de Centrale.
De belangstellenden hadden op een viertal plekken in het land de mogelijkheid om op te stappen in de touringcar welke ons naar Moerdijk bracht. Aangekomen bij de centrale kregen we eerst in groepen een rondleiding door het complex en werd het hele proces duidelijk uitgelegd. Hierbij was te zien hoe het hele proces verloopt, vanaf aanvoer van de mest en de bemonstering tot aan de uiteindelijke verbranding. Daarna wordt de daarbij vrijkomende warmte uiteindelijk via een generator omgezet in stroom voor zo’n 90.000 huishoudens. Heel belangrijk hierbij is de kwaliteit van de mest en de daarbij behorende verbrandingswaarde. Hierbij geld dat de mest qua drogestof binnen een bepaalde bandbreedte moet zitten om zodoende een optimale verbrandingswaarde te verkrijgen. Om dit te bereiken worden na de aanvoer in de stortbunker alle partijen mest gemengd totdat de juiste kwaliteit bereikt is. Duidelijk werd dat de afgelopen jaren veel geleerd is met als gevolg dat de centrale nu meer capaciteit draait dan waar deze voor gebouwd is.
Na afloop van de rondleiding hebben de heer Pieter van Beuzekom van BMC en de heer Bart Jan Wulfse van DEP een presentatie gehouden en was er de mogelijkheid tot discussie. De presentatie van de heer Wulfse was gericht op de kwaliteit van de mest welke door de pluimveehouders aangeleverd wordt en de mogelijkheid tot verbetering daarvan. Door uitruil van verschillende soorten mest bij Orgafert zijn de meeste problemen nu voorbij. Hierbij wordt te natte mest van leden van DEP geruild via handelaren voor droge mest en wordt de natte mest geëxporteerd. Ook werd duidelijk dat de voorkeur uitgaat naar slachtkuikens- en kalkoenenmest. Dit vanwege een betere verbrandingswaarde en minder as (veroorzaakt door hoge Calciumgehaltes in mest van leggende dieren).
De presentatie van de heer Van Beuzekom ging over de aanloop perikelen voor de bouw van de centrale en het in werking stellen daarvan. Het bleek dat er nogal wat hobbels overwonnen moesten worden voordat het financiële plaatje voor de aanvang van de bouw van de centrale ingevuld was. Vele mogelijk partners kwamen en gingen voordat het uiteindelijk consortium overeenstemming bereikte. Daarna waren er (de gebruikelijke) perikelen rond het opstarten van de centrale, maar ook op dat gebied is inmiddels veel geleerd en draait de centrale momenteel op te top van z’n kunnen. In 2010 is er 390.000 ton stapelbare pluimveemest verbrand en 8.000 ton overige biomassa. Er is dus nog plek voor goede pluimveemest. De prijzen van de mest welke bij DEP betaald moeten worden liggen inmiddels weer op gelijk niveau met de vrije markt. Door de komst van BMC zijn de kosten voor de afvoer van mest voor de Nederlandse pluimveehouder op een aanzienlijk lager niveau gekomen dan daarvoor.
Na afloop van de presentaties was er voor iedereen de gelegenheid om tijdens de borrel en de maaltijd uitgereid na te praten en het wel en wee op ieders bedrijf eens met collega pluimveehouder te bespreken.
Terugkijkend kunnen we zeggen dat het een goed geslaagde leerzame, maar vooral ook heel gezellige dag was. Daarbij kunnen we er trots op zijn dat we als pluimveesector dit initiatief op het gebied van mestverwerking van de grond hebben gekregen, daar waar tot nu toe bijna alle grootschalige projecten op dit gebied gestrand zijn. Om zover te komen hebben een behoorlijk aantal pluimveehouders de nek uit moeten steken, ook op financieel gebied. Hopelijk kunnen zij hier op de lange termijn hun voordeel mee doen.


