In de tabel ziet u de kwaliteit van de snijmaïs van dit jaar ten opzichte van het vorige jaar op basis van analyses van BLGG. Er valt heel veel te vertellen over het uitzonderlijke groeiseizoen in het afgelopen jaar. Hier willen wij ons beperken tot één opvallende afwijking van dit jaar, namelijk de verteringscoëfficiënt van de celwanden.

Hoge VC-NDF
De gemiddelde VC-NDF is dit jaar 56 procent. In de praktijk zien wij op dit kenmerk veel variatie. 60 procent VC-NDF is dit jaar geen uitzondering. Snijmaïs met zo’n hoge verteerbaarheid van de celwanden levert niet de structuurwaarde aan het rantsoen die men er in het algemeen van verwacht. De VC-NDF is een betrouwbaar kengetal en de hoogte hangt direct samen met de mate waarmee de plant in de stengel lignine heeft kunnen vormen.
Geen groei, geen verhouting
De oorzaak van de hoge VC-NDF is waarschijnlijk het stagneren van de groei van de plant. In veel gevallen stopte de groei van de plant door aantasting met de bladvlekkenziekte. De bladeren werden geel/bruin en daarmee staakte de afrijping van de plant en de kolf. Een andere oorzaak kan de ongelijke ontkieming van de maïszaden in het voorjaar zijn. Door het zeer droge zaaibed kwamen veel maïspercelen ongelijk op. De later opgekomen planten werden later wel even hoog, maar vormden veel minder massa en verhouten veel minder.
Structuur
Vanaf een VC-NDF van 55 procent en hoger is er extra attentie nodig op de structuurvoorziening in het rantsoen. Bij deze kwaliteit snijmaïs is er extra pensprik nodig uit bijvoorbeeld koolzaadstro of tarwestro. Rekening houdend met het voorgaande is een hogere verteringscoëfficiënt positief; er is minder aanvullend krachtvoer nodig en de pensbacteriën zijn beter in staat de stengel van de maïsplant te fermenteren .
Kijk en vergelijk
Zoals u van ons gewend bent maken we ook dit jaar weer een Rangschikking van uw analyses van de snijmaïs. Juist nu de variatie groot is, vragen wij u mee te doen. Uw uitslag tussen alle anderen in geeft u de beste informatie over de teelt van uw snijmaïs.